Gek is dat. Dat je je leven lang bezig bent ergens te komen, maar er nooit bent. Het doel dat je nastreeft niet bereikt. Niet omdat de doelen onhaalbaar zijn, maar omdat je route nooit klaar is.
Misschien vraag je je nu af “Waar hééft ze het over?”
Laat me uitleggen wat ik bedoel.

Als je klein bent, zijn je doelen overzichtelijk. Met vallen en opstaan leren we praten, lopen, zwemmen, veters strikken. Dat soort ontdekkingen maken we ons uiteindelijk eigen en geven ons zelfvertrouwen.
Tijdens onze jeugd vormen we een eigen persoonlijkheid met een eigen mening.
Dan word je volwassen, gaat aan het werk, krijgt een relatie, misschien een huis en een eigen gezin.
Dit is zo’n beetje de algemeen beoogde basisversie.
En als je een jongvolwassene bent, denk je dat je “er” dan bent. Dat er hooguit nog dingen te verbeteren zijn, maar geen veranderingen meer.
Zo keek ik er vroeger in mijn naïviteit tegenaan. Ik had tot in mijn volwassen leven het gevoel dat als er aan de “HBB-voorwaarden” (= huisje-boompje-beestje) was voldaan, dat het doel dan bereikt was. Alleen nog periodiek een beetje bijschaven en verder: “houen zo”.
Maar zo werkt dat natuurlijk niet.
Doelen veranderen gaandeweg. Bewegen mee met omstandigheden. Of je leven nu zonder noemenswaardige hobbels verloopt of dat je de ene uitdaging na de andere voorgeschoteld krijgt. Leven is pas klaar als je dood bent.
Tot die tijd gaat je route verder. Je reageert op wat je tegenkomt onderweg. Past je aan de omstandigheden aan. Leert ermee omgaan (zowel bij geluk als bij pech) en ontdekt dan wat een volgende stap wordt. Steeds op zoek naar een nieuwe balans.
“Alles verandert en dat zal altijd wel zo blijven”
~ Loesje ~




Geef een reactie